Het beheermodel beschrijft de manier waarop beheeractiviteiten georganiseerd en uitgevoerd worden binnen een organisatie om zowel afzonderlijke informatiesysteemcomponenten als de samenhang daartussen te beheren. Het richt zich op de gegevensverwerking en informatievoorzieningprocessen. Een effectief beheermodel zorgt ervoor dat de systemen betrouwbaar en efficiënt functioneren en dat de informatievoorziening aan de organisatiebehoeften voldoet.
Drie vormen van beheer volgens het beheermodel van Looijen
1. Functioneel beheer
o Definitie: Functioneel beheer richt zich op de beheertaken aan de gebruikerskant en ondersteunt de gebruikersorganisatie bij het in stand houden van de functionaliteit van informatiesystemen en niet-geautomatiseerde informatievoorzieningen.
o Activiteiten:
Gebruikersbeheer: Ondersteuning van gebruikers bij het dagelijkse gebruik van systemen en het toekennen van toegangsrechten.
Functionaliteitenbeheer: Zorgt ervoor dat de systemen voldoen aan de functionele eisen en wensen van de gebruikers.
o Model: BiSL (Business Information Services Library) wordt vaak gebruikt als richtlijn voor functioneel beheer.
2. Applicatiebeheer
o Definitie: Applicatiebeheer richt zich op het in stand houden van de applicatieprogrammatuur en de database.
o Activiteiten:
Applicatieonderhoud: Zorgt voor het onderhoud en de updates van applicaties om ervoor te zorgen dat ze blijven voldoen aan de behoeften van de gebruikers en functioneren zoals bedoeld.
o Model: ALS2 (Application Lifecycle Support) is een model dat gebruikt kan worden voor het beheer van applicaties gedurende hun levenscyclus.
3. Technisch beheer
o Definitie: Technisch beheer richt zich op de instandhouding van de infrastructuur van de ICT-voorzieningen.
o Activiteiten:
Operationele besturing: Dagelijkse aansturing en monitoring van de technische infrastructuur.
Operationele ondersteuning: Ondersteuning bij technische problemen en het verlenen van technische dienstverlening.
Technische dienstverlening: Bieden van services zoals netwerkbeheer, serverbeheer en opslagbeheer.
o Model: ITIL (Information Technology Infrastructure Library) biedt een set van best practices voor het beheer van IT-diensten.
Functioneel beheer volgens BiSL: Ontwikkeld om de 24 processen van functioneel beheer te clusteren. Enerzijds gesplitst in organisatorische en functionele invalshoek. Anderzijds gesplitst in horizontale lagen voor het uitvoerende niveau, het sturende niveau en het richtinggevende niveau.
Uitvoerende Niveau: Gebruiksbeheer en Functionaliteitenbeheer
Het uitvoerende niveau richt zich op de dagelijkse operationele taken om ervoor te zorgen dat informatiesystemen efficiënt en effectief worden gebruikt. Dit niveau omvat zowel gebruiksbeheer als functionaliteitenbeheer.